passend onderwijs

Leerlingenzorg binnen het Passend Onderwijs

Elke school heeft een ondersteuningsprofiel waarin wordt aangegeven welke zorg de school aan de huidige en toekomstige kinderen kan bieden

Schoolondersteuningsprofiel

Het schoolondersteuningsprofiel (S.O.P.) wordt opgesteld door leraren, schoolleiding en bestuur. In het profiel wordt aangegeven welke ondersteuning ‘PCB Hoef’ kan bieden en welke ambities ‘PCB Hoef’ heeft voor de toekomst. Op basis van het profiel inventariseert de school welke expertise eventueel moet worden ontwikkeld en wat dat betekent voor de (scholing van) leraren.

‘PCB Hoef’ heeft nadrukkelijk de uitdaging opgepakt: het beste in elke leerling naar boven halen. Dat vraagt om een professionele organisatie, waarin teamwork en samen leren centraal staan. De twee benen waar ons fundament op rust zijn: welzijn en ontwikkeling. Als school vinden we het belangrijk dat kinderen zich gelukkig voelen (linkerbeen) en dat kinderen zich ontwikkelen (rechterbeen).  Op ‘PCB Hoef’ is sprake van een voorspelbaar klassenmanagement waarbinnen leerlingen zelfstandig werken volgens een dag- en/of weekrooster. De leerkracht heeft daardoor ruimte om leerlingen die dat nodig hebben herhaalde of verlengde instructie te geven. Het schoolteam heeft scholing gevolgd in het geven van effectieve gedifferentieerde instructie rekening houdend met onderwijsbehoeften van leerlingen. De werkwijze van de school is transparant en er is een open cultuur waar leerkrachten, ouders en leerlingen op basis van respect met elkaar samenwerken.

De zorg voor het jonge kind

De ontwikkeling van het jonge kind in groep 1 en 2 wordt gevolgd aan de hand van observaties. Daarnaast wordt gebruik gemaakt van de CITO-toets Rekenen voor kleuters (Rekenvaardigheid) en Taal voor kleuters (taalvaardigheid).

We vinden de sociaal-emotionele ontwikkeling van kinderen zeer belangrijk. Indien noodzakelijk wordt er een momentopname van die ontwikkeling gemaakt met behulp van een toets.

Dit zijn instrumenten om de professionaliteit van de groepsleerkracht te ondersteunen, zodat we eerder weten of een kind extra aandacht nodig heeft.

De zorg voor de oudere kinderen

Vanaf groep 3 worden niet-methode gebonden toetsen afgenomen voor rekenen, spelling, technisch lezen, begrijpend lezen en woordenschat, waarbij te zien is hoe deze vakgebieden zich bij uw kind ontwikkelen. Ook van de sociaal-emotionele ontwikkeling van uw kind wordt elk jaar gekeken of er reden is tot extra onderzoek.

De zorg voor de hoogbegaafde leerlingen

Met ingang van het cursusjaar 2014 -2015 zal er een start worden gemaakt met structurele aandacht voor meer begaafde kinderen. We willen het onderwijsaanbod nog beter op de onderwijsbehoeften van deze leerlingen laten aansluiten.

(Hoog/meer)begaafde kinderen hebben een andere manier van leren en andere interesses. Communicatie met hen vraagt om een aangepaste benadering. Deze kinderen hebben bijvoorbeeld behoefte aan meer uitleg over waarom bepaalde vaardigheden moeten worden aangeleerd en ze willen zaken in een context kunnen plaatsen.

 Meerbegaafde kinderen vanaf groep 5 kunnen deelnemen aan de Pittige Plusgroep. Zij moeten dan wel aan enkele duidelijke voorwaarden voldoen. In de eerste plaats zullen ze driemaal achter elkaar een A-score voor de CITO-toetsen begrijpend lezen, rekenen en spelling moeten halen. Vervolgens zal ook naar de anderen kenmerken gekeken worden.

In overleg tussen de groepsleerkracht, de hoogbegaafdheidsspecialist (collega van De PCB Pelikaan), de IB-er, de ondersteuningsleerkracht en de ouders zal voor deze excellente leerlingen een begeleidingsplan worden opgesteld.

Wanneer een leerling bij de CITO-toetsen geen A-score haalt, kan hij of zij niet langer aan de Pittige Plusgroep deelnemen.

De meerbegaafde leerlingen, die niet voor alle drie de onderdelen een A-score halen, krijgen voor betreffende vakken waarvoor ze wel die A-score halen, in de groep extra uitdaging.

Doublure en versnellen

De school biedt een ononderbroken leerroute voor leerlingen aan. Dat wil zeggen dat de leerlingen vanaf hun vierde jaar in acht jaren de leerstof aangeboden krijgen en verwerken. De dagelijkse praktijk wijst echter uit dat niet voor alle leerlingen met een ontwikkelingsachterstand of- voorsprong doublure of versnelling de juiste oplossing. 

In dat geval gaat de school, in overleg met ouders, besluiten van deze ononderbroken leerroute aan de had van methodes af te wijken. Een individuele leerlijn behoort dan tot de mogelijkheden. De leerkracht zal van dit gesprek een verslag schrijven, waarin de gegevens van de school en de ouders worden opgenomen.

Leerlingen kunnen dus blijven zitten, maar ook een versnelde leerweg is mogelijk. Wanneer een leerling niet het programma van de groep volgt zal er een Ontwikkelingsperspectief moeten worden opgesteld. Hierin staat aangegeven wat het verwachte eindniveau van de leerling zal zijn. In dat perspectief zal ook worden aangegeven hoe dat resultaat bereikt zal worden. 

Het besluit tot eventuele doublure wordt genomen in overleg met alle betrokkenen. De uiteindelijke beslissing ligt bij de school.

Wanneer het besluit van de ouders anders luidt dan het advies van de school, wordt er een contractje opgemaakt waarin dit wordt vastgelegd.

Als criteria voor een dergelijk besluit gelden:

a.            sociaal-emotionele overwegingen

b.            de leervorderingen die op meerdere terreinen ver achter blijven of vooruit zijn

c.            een eventueel intelligentieonderzoek.

Een verslag van het doublure- of versneld doorstoombesluit, waarin de argumenten tot dit besluit zijn opgenomen, en het plan voor het extra dan wel versnelde jaar, wordt gemaakt door de leerkracht in overleg met de intern begeleider/coördinator leerlingenzorg.

Dit verslag wordt ondertekend door de ouders en de school en wordt opgenomen in het leerlingendossier. Een kopie wordt bewaard in het dossier van de intern begeleider.

Als school vinden we intensief overleg met en betrokkenheid van ouders bij deze vraagstukken van groot belang voor een goede schoolloopbaan van het kind.

Verwijzen

Onze school is een buurtschool. Zodra kinderen niet meer op onze school de lessen volgen, is het aantal spontane contacten dat kinderen met andere kinderen uit de buurt hebben gelijk minder. Het is daarom van groot belang, dat alle kinderen zo lang mogelijk op onze school blijven. Soms kan dit echter niet, afhankelijk van de mogelijkheden van het kind en/of de school. Ouders mogen echter overtuigd zijn van de wil van de school om het kind in de omgeving te houden.

Voordat er tot verwijzing kan worden overgegaan, is er al een heel traject verlopen.

De leerling heeft extra begeleiding gehad door de intern begeleider; al of niet in overleg met schoolbegeleidingsdienst of ambulante begeleiding. Wanneer deze extra begeleiding niet de gewenste ontwikkeling kan realiseren wordt de leerling aangemeld bij het bovenschoolse zorgoverleg van VPCO Putten. Daar wordt gekeken of er nog aanvullend onderzoek of begeleiding noodzakelijk is.